![]() |
EHBO top 10
1) KLEP PLAKT.
Door het blazen komt er veel vocht in de saxofoon. Dit vocht (condens & speeksel) bevat suikers en andere plakkerige stoffen. Het komt ook op de polsters. Vooral de kleppen, die in ruststand dicht zitten, kunnen daardoor behoorlijk plakkerig worden. De bovenste kleppen, de Gis (linker pink) en de lage Dis (rechter pink) hebben hier veel last van. De hoge kleppen en de lage Dis druk je zelf open, maar de Gis moet door een veer open gedrukt worden. Dat laatste geeft wel eens problemen. Oplossing: de saxofoon goed droog maken na het spelen en bovengenoemde kleppen eventueel extra (door middel van absorberend vloeipapier). Polster en toonrand schoonmaken met een wattenstaafje en een sopje of spiritus. Als de polster droog is kun je met een wattenstaafje wat talkpoeder opbrengen. Meestal moeten bovengenoemde polsters wat vaker vervangen worden. Bij de Gis kun je de veer die de klep open drukt extra aanspannen. MAAR dan moet de contra veer (die 'm dicht drukt) vaak ook extra aangespannen worden. En de linker pink is al niet zo sterk......
2) DE SAX WIL ALLEEN MAAR HOGE TONEN SPELEN.
Dan staat één van de octaafklepjes open of één van de hoge kleppen. Staat het octaafklepje bovenop de nek open, verbuig het dan. Gewoon met één hand de nek en octaaf beetpakken (klepje staat nu open) en met de andere hand het klepje meer naar het gaatje toe buigen. Het octaafmechanisme is vrij kwetsbaar omdat hier twee delen van de sax in elkaar geschoven worden. Deze onderdelen krijgen nogal eens een oplawaai. Bijv. bij het in de koffer terugleggen van de sax. Gebruik daarom ook altijd een octaaf kleppen beschermer (zwarte dop). Het kan ook zijn dat één van de bovenste kleppen is verbogen door stoten. Gewoon voorzichtig terugbuigen. Het liefst zo dat de ring in de polster weer precies op het toongat valt. Echt hoog piepen wordt meestal veroorzaakt door het riet en/of het mondstuk.
3) EEN KLEP IS INEENS LAM.
Elke klep heeft een veertje dat de klep steeds in de ruststand terugduwt. Deze veertjes kunnen wel eens per ongeluk afhaken. Weer aanhaken met een haaknaald of pincet. Als het veertje is afgebroken naar de reparateur gaan. Voor tijdelijk is dit manco uitstekend te verhelpen met een elastiekje.
4) METAAL OP METAAL GEKLEPPER.
Kurkje of viltje ontbreekt of is eraf gevallen. Zelf weer aanbrengen met lijm. Niet te dik, niet te dun. Metaal op metaal geklepper door speling in de asjes is ernstiger. Het kan vaak tijdelijk worden verholpen door het asje extra te oliën, anders moet de vakman eraan te pas komen.
5) LOSSE SCHROEVEN EN ASJES.
Als je een schroefje verliest, is het meestal niet zo gemakkelijk een nieuw te krijgen. Controleer daarom regelmatig of alle schroefjes nog vast zitten en/of asjes er niet uitlopen. Je kunt ze met een klein schroevendraaiertje weer vastdraaien. Controleer hierna of de klep nog wel soepel loopt en draai de schroef of as eventueel toch iets losser. Eventueel kun je de schroef of as vastzetten met blanke nagellak.
6) ER VALT EEN POLSTER UIT.
Dit mag eigenlijk nooit gebeuren, maar toch..... Lijm dezelfde polster er in dezelfde positie weer in. (Met bisonkit of liever schellack.) De kans dat deze polster goed sluit is vrij klein. Zie dit als een noodoplossing en laat het ooit checken door de reparateur.
7) LAGE D & Dis KLINKEN VOOS.
Dit heeft elke sax min of meer. Het is te corrigeren door de lage C (rechterpink ) verder open te zetten. (Haal bv met een scheermesje iets vilt weg) en/of zet onder het spelen de lage Cis (linker pink) open. De lage D en Dis zullen nu helderder klinken.
8) SOLDERING LAAT LOS.
Noodoplossing: vastlijmen. (Reparateurs hebben hier een hekel aan).
9) VALS.
Dit kan aan de bouw van het instrument liggen, dan is er weinig aan te doen. Het kan ook aan het afstellen van de balans liggen (dikte van de kurkjes, viltjes etc.). Dat is in beperkte mate te verbeteren. Of: het instrument lekt. Dit is uiteraard te verhelpen, liefst door de reparateur.
10) LEK.
Het meest voorkomende manco is en blijft : LEKKEN!. Lage tonen spreken moeizaam en alleen geforceerd aan. Dit is te horen en eventueel te zien. HOREN: Laat alle kleppen open staan (midden Cis) . Speel nu met lichte vingerdruk zachtjes blazend naar beneden toe (dus C,B,Bes,A,etc.) Gaat de toon "blubberen" en "sputteren", dan lekt de sax. Hoe lager de toon, hoe moeizamer veelal het blazen. (Opeenstapeling van lekken). ZIEN: Maak zelf een zwakstroom fietslamp (12V) of een kleine TL buis (PAS OP 220 VOLT) aan een draad en hang deze in de saxofoon. Sluit met lichte vingerdruk de kleppen. Elk kiertje dat je nu ziet, is er één te veel.
OPMERKING 1.
Het zelf aanbrengen van een nieuwe polster is tamelijk eenvoudig. Als noodoplossing kan dit je tijdelijk uit de problemen helpen. Het goed laten sluiten van een polster is, zoals gezegd, moeilijk en hooggekwalificeerd monnikenwerk. Verkijk je hier niet op!
OPMERKING 2.
Een NIEUWE saxofoon betekent absoluut niet dat deze ook goed functioneert. Dikwijls zijn verscheidene polsters behoorlijk lek. Dit geldt ook voor de duurdere merken!
OPMERKING 3.
In de nazomer, bij het begin van het seizoen , is de werkdruk veelal idioot hoog. Iedereen komt dan met reparaties en revisies met de vraag: "kan het morgen klaar?" Dikwijls hebben we in deze periode wallen onder de ogen en een flinke wachtlijst. Heb je het vermoeden dat je sax flink gerepareerd moet worden, laat dit dan in het veel rustigere voorjaar doen. Geen wallen en geen wachtlijst.